Principeakkoord nieuw sociaal plan PostNL

Den Haag, 9 oktober 2015 – PostNL en vakorganisaties FNV Publiek Belang, Bond van Post Personeel, CNV Publieke Diensten en VHP2 hebben een principeakkoord bereikt over een nieuw sociaal plan. Hierin staan afspraken die gelden bij reorganisaties van PostNL. Het sociaal plan geldt voor alle medewerkers die vallen onder de cao van PostNL. Het gaat in op 1 januari 2016 en loopt tot en met 31 december 2020. De vakorganisaties leggen dit principeakkoord voor aan hun leden. De verwachting is dat de uitkomst eind november bekend is. In geval van instemming volgt definitieve vaststelling van het nieuwe sociaal plan.

Herna Verhagen, ceo van PostNL: “De komende jaren blijven we ons bedrijf aanpassen aan de dalende postvolumes, reorganisaties zijn helaas onvermijdelijk. Daarbij blijven wij ons uiterste best doen om medewerkers van werk naar werk te begeleiden, binnen of buiten PostNL. Samen met de vakorganisaties hebben we gekozen voor een aanpak op maat. Medewerkers kunnen met dit nieuwe sociaal plan de keuze maken die het beste past bij hun eigen situatie. De gemaakte afspraken bieden onze medewerkers en ons bedrijf perspectief.”

De belangrijkste afspraken in het principeakkoord zijn:

Begeleiding door Mobility
Om kansrijk te blijven voor de arbeidsmarkt kunnen medewerkers van PostNL gebruik maken van de begeleiding door Mobility, het mobiliteitsprogramma van PostNL. Medewerkers die overcompleet worden, kunnen kiezen voor een intensievere begeleiding van werk naar werk.

Fasemodel
Met de vakorganisaties is een fasemodel afgesproken, met daarbij verschillende keuzes voor medewerkers. De medewerker die snel besluit om het dienstverband te beëindigen krijgt een hogere vergoeding. Dit kan oplopen tot 5 maandinkomens extra, ten opzichte van de medewerker die later vertrekt. Medewerkers ontvangen bij ontslag minimaal de wettelijke transitievergoeding.

Menukaart pensioengerechtigden
Voor pensioengerechtigde medewerkers (van 60 jaar en ouder) is een zogenaamde ‘menukaart’ samengesteld, waarmee zij extra mogelijkheden hebben om eerder met pensioen te gaan. Het management bepaalt wanneer, voor welke groep medewerkers en voor hoe lang deze mogelijkheden worden opengesteld.